De
druiven worden geregeld geproefd, en wanneer we denken dat de
druiven binnen 3 à 4 weken het stadium van volle rijping
bereiken, worden met de hand ongeveer 200 druivenbessen per
perceel geplukt. Sébastien analyseert deze druiven in
de kelder en bepaalt het suikergehalte en het zuurgehalte. Om
de ontwikkeling goed te kunnen observeren worden er, naarmate
de druiven rijpen, steeds vaker monsters genomen in de wijngaard.



Het
zuur in de druiven verandert zoals bij alle fruitsoorten tijdens
het rijpingsproces in suiker, door toedoen van zonlicht en fotosynthese.
Het suikergehalte van de druif is van directe invloed op het
alcoholgehalte van de wijn: er is ongeveer 17 gram suiker per
liter nodig om 1 % alcohol te verkrijgen. Wanneer de most (ongegist
druivensap) 221 gram suiker per liter bevat, dan zal de wijn
die daarvan gemaakt wordt een alcoholpercentage van 13% hebben.



Als
de oogst voor de deur staat worden er 2 à 3 maal per
week monsters van de druivenbessen genomen. Deze nauwgezette
bezigheid is bepalend voor de kwaliteit van onze wijnen: ze
hoeven nooit chemisch gecorrigeerd te worden. Door evenwichtige
druiven op volle rijpheid te oogsten kunnen we op natuurlijke
wijze evenwichtige wijnen maken.


Hmm...
de druiven zijn rijp, de oogst
kan beginnen !